De Oekraïense Spiegel: ‘Nationalisme’

Afgelopen april was er in Nederland het veelbesproken referendum waarbij de kiezers zich uitspraken tegen het EU-associatieverdrag met Oekraïne. Maar waarom dan eigenlijk? Journalist Jeroen Lesuis werd nieuwsgierig naar de Oekraïens-Nederlandse verhoudingen en besloot daarom deze zomer een bezoek te brengen aan het Oost-Europese land. Dit levert nu de artikelenreeks ‘De Oekraïense Spiegel’ op. Hier is deel 2: ‘Nationalisme’. 

De glazen randen van hun bierglazen kletsen tegen elkaar en hun stemmen klinken eensgezind wanneer zij roepen “Slava Ukrayini!”. Leve Oekraïne, ik hoor deze kreet hier vaak in de kroegen. Ditmaal is het een jonge soldaat die met zijn vriendengroep een toost uitbrengt op het vaderland. Met zijn groenbruin camouflage-uniform en legerkistjes lijkt het erop alsof hij regelrecht vanuit het oostfront deze kroeg is binnengestapt. Maar de dienstplichtige jongeren worden niet naar het front gestuurd. Wellicht viert de jonge soldaat juist dat zijn dienstplicht  ten einde van zijn is. Of misschien is de jongen trots op zijn legeruniform die hij daarom ook draagt in de kroeg. Sinds kort betaalt de staat de ouderwetse uniformen van de Oekraïense soldaten, daarvoor moesten de soldaten zelf hun kleding bij elkaar scharrelen.

Overigens zijn soldaten niet de enigen in Oekraïne die legeruniformen dragen. Er zijn ook burgers die zich graag in het legergroen hullen. Kroegen in Oekraïne kunnen daardoor soms iets weg hebben van een legerkazerne. Maar tussen de stoere legerjongens door fladderen dan weer meisjes in bloemenjurken. Deze jurken, of eigenlijk zijn het kruisingen tussen een jurk en truitje, worden vyshyvanka genoemd en zijn voor veel Oekraïense vrouwen een belangrijk kledingstuk. De witte jurken met typerend borduursel van bijvoorbeeld papaver- of zonnebloemen vormen de nationale kleding van Oekraïne en grijpen terug op eeuwenoude Slavische kledingtradities.

Meisjes in bloemenjurken, uitbundig toostende soldaten, iedereen ziet er vanavond gelukkig uit in deze kroeg. Maar ieder glas dat men hier heft, moet zwaar in de hand wegen. Iedere toost op het leven is er ook één op de dood. Deze kroeg bevindt zich aan het beroemde en beruchte Maidan-plein in Kiev. Op 18 februari 2014 kleurden hier de straatstenen bloedrood tijdens de gewelddadige confrontatie tussen demonstranten en de speciale politie-eenheden  (‘Berkut’) van de regering.  Zeker 25 mensen stierven die dag en er vielen meer dan 400 gewonden.

Veel is er sindsdien veranderd in Oekraïne: president Porosjenko verving de naar Rusland gevluchte Janoekovitsj, de Russen bezetten de Krim en in het oosten brak een oorlog uit die inmiddels aan bijna 10.000 mensen het leven heeft gekost. Een meisje dat ik vanavond in de kroeg spreek, zegt me dat ze nog steeds uitgaat op Maidan maar minder vaak dan vroeger en er staan beelden op haar netvlies die zorgeloos vermaak onmogelijk maken. Ze heeft met eigen ogen gezien hoe men op het Maidan-plein het bloed weer van de straatstenen poetste.

IMG_20160824_131914
Viering van de Oekraïense Onafhankelijkheidsdag op 24 augustus 2016. Het meisje rechts draagt een typische vyshyvanka-trui.

Oekraïens nationalisme een abstract begrip?

Bovenstaande observaties zijn al zeer bijzonder te noemen maar lees de alinea nog eens en vergelijk het dan met de situatie in Nederland. Kreten als ‘Leve Nederland!’ of ‘Leve de koning!’ klinken in de Nederlandse kroeg potsierlijk, soldaten worden hier niet zo gauw als patriottistische helden bestempeld, eerder als hersenloos, en onze nationale Oranjekledij dragen we alleen als het Nederlands elftal speelt of als onze koning zijn verjaardag viert.

Prinses Maxima mocht dan tijdens de Spelen van Rio getooid zijn in een Vyshyvanka, wat betreft chauvinistische beleving lijken er weinig overeenkomsten tussen Oekraïne en Nederland te bestaan. Een gegeven dat logischerwijs voor een groot deel voortkomt uit het feit dat Oekraïne zich momenteel in staat van oorlog bevindt en Nederland niet.

Ik had verwacht deze zomer dat het Oekraïense nationalisme voor mij zelf een abstract begrip zou blijven. Als ik me bijvoorbeeld netjes aan het advies van het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken zou houden om niet af te reizen naar Oost-Oekraïne zou ik geen last hebben van de oorlog die aldaar woedt. Even ter nuance: in het kaartje dat hoort bij het ministerieadvies wordt heel de oostgrens als onveilig bestempeld. Maar een Nederlandse vriend van me gaf aan deze zomer heerlijk vakantie te hebben gevierd aan de Zee van Azov.

Tegelijkertijd is er geen ontkomen aan de oorlog want ook in kroegen van Kiev woedt zij. Het is een strijd die om de toekomst van het land gaat en daardoor voor iedere Oekraïner van belang is. De natie staat op het spel en daarmee laait het nationalisme in Oekraïne sterk op. Dat klinkt als een negatief iets maar door mijn tijd hier in Oekraïne en mijn blootstelling aan het nationalisme ben ik als Nederlander anders, meer positief gaan denken over fenomenen als volksidentiteit en de natiestaat. Het lijntje tussen een land met waardigheid en zelfrespect of een land dat blind is van trots is dun maar ik ben gefascineerd, misschien zelfs gecharmeerd geraakt van hoe de Oekraïners op dit lijntje balanceren.

vuurtoren
‘Groeten van nabij de Zee van Avoz!’ Vakantiefoto genomen door een Nederlandse vriend die stelde dat hij rustig vakantie kon voeren aan de Oekraïense oostkust. Dit in tegenstelling tot wat het reisadvies van het Ministerie van Buitenlandse Zaken voor deze regio impliceert.

Een brief voor het oostfront

Mijn eigen ogen worden het meest geopend als ik met de Oekraïense Tanya (26) het Nationale Museum van de Geschiedenis van Oekraïne bezoek in Kiev. Ook dit is weer een groot verschil met Nederland. Oekraïne heeft een museum dat de nationale geschiedenis door de eeuwen heen toont terwijl in Nederland men vanaf 2006 wel plannen heeft gemaakt voor een Nationaal Historisch Museum, maar het is er nooit van gekomen.

Dit is niet alleen zonde van de 15 miljoen euro die verspild is aan plannen. Het is ook een gemiste kans dat er in Nederland geen museum is zoals dat in Kiev dat op een overzichtelijke en boeiende manier laat zien hoe een land  zich heeft gevormd tot het land dat het nu is. Het lijkt mij in het belang van zowel het land als haar burgers dat iedereen de historische uitleg krijgt hoe zijn of haar land zich heeft gevormd en wat het daarmee betekent om inwoner te zijn van dit land.

Om nu terug te komen op het museum in Kiev, de entree daarvan is bijzonder. Ik moet betalen voor mijn kaartje terwijl Tanya gratis naar binnen mag omdat haar neef Oleg een bekend Oekraïense oud-soldaat is (zie de foto’s waarop hij o.a. apart is afgebeeld). Bijgenaamd ‘de Egel’ is Oleg geëerd voor zijn daden als verkenner aan het oostfront.

De oorlog in het oosten vormt een belangrijk thema in het museum samen met de velen andere oorlogen die Oekraïne in verschillende vormen tegen verschillende vijanden heeft gevochten in de loop der eeuwen. Of het nu de strijd was van het Kievse Rijk in de Middeleeuwen tegen de Mongoolse Invasie of de strijd van het Oekraïne van de Sovjet-Unie in de Tweede Wereldoorlog tegen de Duitsers.

Om historische artefacten uit deze twee oudere oorlogen te zien liggen in de vitrinekasten is voor mij als Nederlander niets nieuw. Voorwerpen uit de Tachtigjarige Oorlog of Tweede Wereldoorlog zijn in tal van Nederlandse musea te bewonderen. Maar voor mij is het uniek om in het Oekraïens museum ook een oorlog gepresenteerd te zien die nog steeds woedt en die nog de ongewisse toekomst van Oekraïne zal bepalen. Ik snap het idee erachter. De oorlog in Oost-Oekraïne vormt een nog heel vers verleden dat allesbehalve is afgesloten maar toch kun je er nu al vanuit gaan dat men op deze oorlog zal terugkijken als een historische gebeurtenis die het land heeft getekend. Hiermee vergeleken ervaar ik als twintiger het Nederlands nationaal verleden als haast vastgeroest en is bij ons historisch nationalisme iets nostalgisch uit de tijd dat Michiel de Ruyter de Engelsen versloeg bij Chatham.

God zal zeker aan zijn kant staan, schrijft het meisje, want haar vader vecht voor de goede zaak. De brief ligt in een glazen vitrinekast. Daarboven hangt een zwart-wit foto van een jonge man in legeruniform.

In het Nationaal Historisch Museum van Oekraïne lees ik een brief, Tanya vertaalt hem voor me, geschreven door een Oekraïens meisje in groep 7. Op het papier staan de handgeschreven woorden van het meisje aan haar vader. Ze zegt tegen haar papa dat hij niet verdrietig moet zijn als hij aan haar denkt want zij is dat ook niet. Het meisje schrijft juist trots op haar vader te zijn en dat ze iedere avond voor hem bidt. Of God haar beden verhoort, weet ze zelf ook niet maar haar vader hoeft zich geen zorgen te maken. God zal zeker aan zijn kant staan want haar vader vecht voor de goede zaak.

De brief ligt in een glazen vitrinekast. Daarboven hangt een zwart-wit foto van een jonge man in legeruniform. Hij is niet de enige in deze tentoonstellingsruimte. Om hem heen hangen foto’s van gesneuvelde collega’s. En ook buiten het museum in de stad zelf zie je geregeld zwart-witfoto’s aan muren geplakt van gesneuvelde soldaten. Zij geven de oorlog in het oosten haar gezicht voor de rest van het land. Maar niets raakt me meer dan de brief van het Oekraïense meisje. Ik had gewild dat deze tragedie haar nooit was overkomen en dat zij op haar leeftijd deze brief nooit had hoeven schrijven. Dat zij net als toen ik tien jaar zij zich bezig kon houden met Pokémon en voetballen in plaats van dat zij zich zorgen moet maken om zaken waar een kind normaal gesproken voor wordt beschermd.

Russische invasie versus Oekraïense volksopstand

Ik vraag mij ook af wat nu de zaak is waar de vader van het meisje voor is gestorven? ’s Avonds in de kroeg leg ik het aan Tanya voor: is de oorlog in het oosten van Oekraïne puur een Russische invasie of wordt zij gesteund door de lokale bevolking? Tanya reageert fel: natuurlijk is het een Russische invasie. Ze verwoordt daarmee de mening van veel inwoners van het meer op het Westen georiënteerde Kiev. Een mening die bijvoorbeeld ook veelvuldig voorkomt op de opiniepagina’s van de Kiev Post.

Nuance als bijvoorbeeld dat de Oekraïners ten oosten van Dnjepr zich van oudsher verbonden voelen met het Russische rijk ontbreekt in deze opvatting en juist bij Tanya verbaast me dat. Niet alleen omdat zij een slimme meid is die onder meer rechten heeft gestudeerd en werkzaam is geweest binnen het Oekraïense parlement, maar ook omdat zij wel beter weet. Eerder heeft ze me meer verteld over haar onderscheiden neef Oleg. Volgens haar strijdt hij als soldaat niet alleen voor de onafhankelijkheid van Oekraïne maar is het ook een persoonlijke vete die Oleg uitvecht. Zijn stiefvader heeft Russische roots en volgens Tanya is Oleg door deze man slecht behandeld en daarom haat hij zijn stiefvader.

Het is onmogelijk voor me om het waarheidsgehalte van deze anekdote te verifiëren. Maar wat het volgens mij wel illustreert, is dat de oorlog in Oekraïne binnen de meeste families voor verdeeldheid zorgt omdat de wortels ervan diep liggen en complex kronkelen.

Het gaat mij er ook niet om met dit artikel aan te tonen wie de goede en wie de slechte zijn in deze oorlog. Dit is een verhaal over de jonge natiestaat Oekraïne die worstelt met haar eigen soevereiniteit. Enerzijds probeert zij zich te bevrijden uit de klauwen van de Russische beer die haar sinds de Sovjet-Unie in de greep hadden, anderzijds worstelt zij met haar eigen onafhankelijkheid en met separatisten in het oosten die zich, ondanks al het nationalisme, geen Oekraïner voelen. Het leidt tot een (burger)oorlog die ik niet kan goedkeuren omdat ik geweld verafschuw. En ik ben ook geen fan van oorlogspropaganda als Oekraïense reclameborden die de Russen als te verdelgen insecten voorstellen.

Tegelijkertijd kan ik de gedachte achter de strijd begrijpen. Veel van de gesneuvelde soldaten en burgers gaven hun leven voor een onafhankelijk, vrij en democratisch Oekraïne. De blauw-gele vlag die hun rouwkist omwikkelt, is niet zomaar een nationale vlag zoals die in Nederland er een beetje verloren bij hangen aan regeringsgebouwen. Zoals ik al eerder schreef, kostte het in de begindagen van de Oekraïense republiek de grootst mogelijke moeite om de nationale vlag geaccepteerd te krijgen in een nog door Sovjet-politici gedomineerd parlement.

Oekraïense oorlogspropaganda waarbij de Russische soldaten en separatisten in het oosten van het land worden voorgesteld als insecten die moeten worden uitgeroeid.
Oekraïense oorlogspropaganda waarbij Russische soldaten en separatisten in het oosten worden voorgesteld als insecten die moeten worden uitgeroeid.

‘Luctor et emergo’ in Oekraïne

Het blauwgeel van Oekraïne is een vlag die het enorme gewicht van het land haar nog jonge maar roerige geschiedenis met zich meedraagt, maar die tegelijkertijd trots in de wind te wappert. Het doet me denken aan de wapenspreuk van de provincie Zeeland: ‘Luctor et emergo’ (‘Ik worstel en kom boven’). Hetzelfde heb ik met een column van een Oekraïense journaliste die ik las in de Kiev Post. Hierin schrijft zij zich op te winden over mensen die haar land ‘de Oekraïne’ noemen in plaats van ‘Oekraïne’. Volgens haar impliceert het woordje ‘de’ dat haar land nog steeds een vazalstaat van de Sovjet-Unie zou zijn.

Bij mij roept dit de associatie op toen het stuk grond waarop ik ben geboren eeuwen geleden nog deel uitmaakte van de Nederlanden en onder Habsburgse heerschappij viel. Het volk kwam vervolgens in opstand en het Nederland van nu is hier nog steeds schatplichtig aan.

Voorafgaand aan mijn bezoek aan Oekraïne was het nationalisme in dit land voor mij een redelijk abstract begrip waar ik met argwaan naar keek. Het Nederlands chauvinisme tijdens EK’s of WK’s is al erg genoeg en daarbij hecht ik juist meer waarde aan de meer internationale karakteristieken van de Nederlandse cultuur. Het Oekraïense nationalisme leek me enkel te dienen als olie op het vuur in een land vol brandhaarden.

Maar inmiddels ben ik van mening dat wij het Oekraïense nationalisme niet kunnen afdoen met simpele woorden als ‘‘gevaarlijk’, ‘overdreven’ of ‘zinloos’. Het is nationalisme is namelijk diepgeworteld in de strijd om haar soevereiniteit die Oekraïne momenteel voert. Deze soevereiniteit geeft uiting aan waarden als onafhankelijkheid, vrijheid, identiteit en trots. Menselijke waarden waar iedere burger recht op zou moeten hebben.

Veel Oekraïners pleiten hartstochtelijk voor een onafhankelijk Oekraïne waar men leeft in vrijheid en democratie.  Sommigen vinden deze zaken van dusdanig levensbelang dat zij bereid zijn hiervoor te sterven. Dit gaat misschien te ver maar ik waardeer het feit dat de Oekraïners zich zo bewust lijken te zijn van hun vaderland en dat zij zich actief bezig houden met de toekomst van hun land. De democratie, vrijheid en soevereiniteit die men daar wenst, bestaat hier in Nederland al. Maar zijn we ons er eigenlijk wel van doordrongen hoe bijzonder het is dat wij in een land leven met zulke rechten? En beseffen we ons welke bijzondere gebeurtenissen hiervoor nodig zijn geweest die zich afspelen in ons nationaal verleden? Wanneer proosten wij nog in de kroeg op ons vaderland?

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *