‘Veiligheid lijkt ondergeschikt aan de winst van chemiebedrijven’

Chemiebedrijf Odfjell kwam vorig jaar in opspraak omdat er chemische stoffen lekten uit opslagtanks van het bedrijf in de Rotterdamse haven. Er ontstond de vrees dat het Noorse Odfjell niet het enige chemiebedrijf was in de haven waar gespeeld werd met de veiligheidseisen. Inmiddels sleept de kwestie zich al maanden voort. Vandaar nu de vraag: hoe staat het er precies voor met de chemiebedrijven in het Rotterdams havengebied?


“Toen de problemen van chemiebedrijf Odfjell vorig jaar september naar buiten kwamen, was ik in zekere zin verbaasd. Tot die tijd had ik de illusie dat het wel goed zat met de veiligheid rondom de chemiebedrijven in het Botlek-havengebied. Nu heb ik die niet meer,” aldus Arno Bonte, fractievoorzitter van GroenLinks Rotterdam. Met de problemen van het Noorse Odfjell bedoelt hij de 220 ton zeer brandbaar butaangas dat vorige zomer uit de opslagtanks lekte en het kankerverwekkende benzeen dat begin dit jaar regelmatig uit de tanks ontsnapte. Daarnaast ontdekte de toezichthouder in het gebied, de Milieudienst Rijnmond (DCMR), dat nergens in de administratie van Odfjell staat wanneer sommige opslagtanks van chemische stoffen voor het laatst zijn onderhouden. Volgens de inspectiedienst lijkt het erop dat die tanks dertig jaar geleden voor het laatst zijn aangepakt.

Odfjell
Uit sommige van Odfjells opslagtanks in Rotterdam is het zeer brandbare butaangas en het kankerverwekkende benzeen ontsnapt.

En de vraag is of Odfjell het enige chemiebedrijf is in de Botlek dat de veiligheidseisen overtreedt. Dit gebied geldt als de eerste uitbreiding van de Rotterdamse haven en werd gebouwd vanaf 1946 tot aan 1960. Bij de gebouwde petroleumhavens streken vooral chemiebedrijven zoals Odfjell, AkzoNobel en Vopak neer. Anno 2012 is de omgeving dus redelijk verouderd en dat roept vragen op over het onderhoud van de bedrijven. “Van de leidingen en tanks die daar staan, is volgens mij twintig procent nooit vervangen en al vijftig jaar oud”, vertelt Bonte. “Want veel bedrijven hebben ook nergens meer in de boeken staan hoe oud die leidingen precies zijn.”

Te vriendelijke inspectiediensten

Juli vorig jaar verscheen een kritisch rapport van de overheidsinspectiedienst Leefomgeving en Transport (ILT) dat de Milieudienst Rijnmond niet streng genoeg had gekeken naar de veiligheid bij een ander chemisch bedrijf: het Amerikaanse Huntsman. DCMR had bijvoorbeeld niet gecheckt of de opslagtanks met chemicaliën van het bedrijf dubbelwandig waren. ILT concludeerde dat de milieudienst en andere inspectiediensten te vriendelijk zijn voor de chemiebedrijven; een conclusie die ook door de Rotterdamse politiek wordt verkondigd. De afgelopen tien jaar hebben de DCMR, de Arbeidsinspectie en de brandweer in totaal 64 overtredingen geconstateerd bij Odfjell. De inspectiediensten hebben het chemiebedrijf daarvoor ook geregeld maatregelen opgelegd, maar pas afgelopen juni kwam er de eis van DCMR dat Odfjell voor 1 augustus moet kunnen aantonen dat de opslagtanks veilig zijn. Gebeurt dit niet, dan mogen ze niet meer gebruikt worden.

Volgens Bonte breekt de milieudienst nu eindelijk met het verleden. “Voorheen is een chemiebedrijf als Odfjell veel te lang de kans gegeven om een fout te herstellen. Als de inspectiedienst  voortaan een steekproef houdt bij een bedrijf en het treft een fout aan, dan moeten er gelijk maatregelen genomen worden. En dus niet meer wachten tot het bedrijf zelf in actie komt, want nu blijkt dat zoiets soms niet gebeurd.”

Bij Milieudienst Rijnmond geven ze aan dat er inderdaad teveel vertrouwen is geweest in de eigen verantwoordelijkheid van chemiebedrijf Odfjell rondom de veiligheid. De DCMR-woordvoerder vertelt dat de milieudienst tot 2002 werkte met inspecties op vaste data bij Odfjell. Daarna stapte DCMR, op aanvraag ook van Odfjell,  bij het Noorse bedrijf over op het zogeheten ‘Risk Based Inspection’-protocol. Dit houdt in dat de DCMR nog wel langskwam voor vaste inspecties, maar dat deze voortaan gebaseerd werden op risicoanalyse. Gaat het slecht met een bedrijf dan komt de milieudienst vaker langs, gaat het goed dan komt DCMR minder vaak langs. En omdat te kunnen nagaan moet een bedrijf zeer goed in de gaten houden en op papier hebben staan hoe het er bijvoorbeeld voorstaat met de opslagtanks. Volgens de DCMR-woordvoerder is Odfjell hierin te kort geschoten.

Winstbelangen van multinationals

Toch lijkt er nog een andere, interessante oorzaak te zijn voor de misstanden bij chemische opslag Rotterdamsommige chemiebedrijven. Om terug te komen op de bedrijven Odfjell en Huntsman: dit zijn respectievelijk een Noorse en Amerikaanse multinational met belangen op verschillende plekken in de wereld. En juist doordat het multinationals zijn, trekken ze zich weinig aan van de Nederlandse veiligheidseisen. Dat is de mening die hoogleraar Crisisbeheersing Eelco Dykstra verkondigt in dit radiofragment. Volgens Dykstra luisteren de multinationals alleen naar wat Brussel te zeggen heeft over veiligheid: “Hier worden de regels gemaakt waaraan zij zich moeten houden.” Daarnaast legt de hoogleraar uit dat een bedrijf als Odfjell de Nederlandse regels aan de laars kan lappen omdat het de inspectiediensten ontbreekt aan een stok achter de deur. “In economisch opzicht zijn we als Rotterdamse haven en als Nederland dusdanig afhankelijk van de multinationals dat we het ons niet kunnen permitteren om ze weg te jagen.”

Politicus Arno Bonte deelt de kritiek op de multinationals: “De veiligheid en gezondheid van de burgers is bij deze bedrijven vaak ondergeschikt aan de winst. En laten veiligheidsregels nou net geld kosten.” Daarnaast denkt Bonte ook dat economische belangen een rol spelen bij de te vriendschappelijke houding van inspectiediensten als DCMR. “Alsof ze geen kritiek durven te geven, maar een milieudienst moet helemaal niet bezig zijn met de economische belangen van een multinational. Daar hebben we het Rotterdamse Havenbedrijf voor.”

Bij de Milieudienst Rijnmond geven ze aan dat de economische belangen van een chemiebedrijf geen invloed hebben op de inspecties. Ook herkent de inspectiedienst zich niet in het beeld dat multinationals zich niets aantrekken van het Nederlandse veiligheidsbeleid. Hun woordvoerder: “De vestigingen van multinationals moeten een Nederlandse vergunning hebben, anders kunnen zij hier niet werken. Ze zijn daardoor gebonden aan de Nederlandse wet.”

Foto’s: Odfjell SE 2009

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *