De invasie van de Chinese student

Er waart een Chinese draak rond op de Nederlandse universiteiten. Steeds meer Chinezen komen naar ons land om te studeren. De vraag is of universiteiten blij moeten zijn met deze Oosterse interesse of dat ze moeten vrezen dat unieke, Westerse kennis via de buitenlandse studenten afvloeit naar China.

Op het eerste gezicht lijkt de Aziatische draak zich verlegen te presenteren op de Rotterdamse Erasmus Universiteit. In de universiteitsgangen vallen vooral de groepjes luid pratende Nederlandse studenten op. Van de Chinezen is geen geluid te horen, geruisloos lopen ze soms voorbij. Toch vertellen de cijfers iets anders dan het oog. Afgelopen maart rapporteerde de Adviesraad voor Wetenschap –en Technologiebeleid (AWT) dat er inmiddels 5500 Chinezen in Nederland studeren. Ons land staat daarmee op de vierde plek binnen Europa als bestemming voor een studie in het buitenland. En steeds meer Chinese studenten, onderzoekers en professoren komen naar Nederlandse universiteiten. De koploper, de Rotterdamse Erasmus universiteit, telde 744 Chinese studenten in 2011. Een stijging van 26 procent over de laatste vijf jaar.

Chinese studenten
Annabeli en Zhang studeren in de aula

Twee van die studenten zitten vanmiddag in de universiteitskantine: de 22-jarige Annabeli en de 23-jarige Zhang. Ze vormen een  stelletje dat afgelopen augustus naar Nederland vertrok om hier te studeren. Een verrassende keuze vanuit Chinees perspectief omdat landen als Amerika en Australië veel populairder zijn bij Oosterse studenten. Maar Zhang heeft een goed argument: “Na de middelbare school besloot ik om Logistiek te gaan studeren, want dit is een vakterrein waarop China nog veel kan winnen. Mijn docent raadde mij aan om naar Europa te gaan. Vervolgens schoot Nederland mij te binnen omdat ik met geschiedenis had geleerd dat Nederland 200 jaar geleden al een belangrijke rol speelde in de wereldhandel. Nog steeds trouwens, een bedrijf als TNT is ook bekend in China.”

Maar op de achtergrond speelt nog een andere reden waarom Zhang voor het buitenland koos. Hij heeft een broer die studeert aan een gereputeerde universiteit in de buurt van Sjanghai. Een universiteit waarvoor Zhang en Annabeli niet in aanmerking kwamen vanwege hun schoolkwalificaties. Om nu toch een goed CV te hebben en via een andere route te kunnen concurreren met de broer, hebben Zhang en Annabeli gekozen voor een buitenlands avontuur. “Voor bijna alle Chinese studenten in het buitenland draait het om dat CV”,vertelt Annabeli. “De onderlinge concurrentie tussen studenten is in China zo groot.”

‘Invented in China’

Dat concurrentie de grote drijfveer is achter het Chinese onderwijs onderschrijft het AWT-rapport. Daarin staat dat China de laatste jaren bezig is om de omslag te maken van productie- naar kennisland. Dus niet langer meer enkel ‘Made in China’, maar voortaan ook ‘Invented in China’. Een missie waarmee China op de lange termijn onafhankelijk moet worden van het buitenland en die daadwerkelijk lijkt te slagen. Aangezien het land in 2007 al evenveel wetenschappelijke onderzoeken had als de VS of de EU, is zij deze twee inmiddels wel voorbij. En het duurt nog maar even of China zal ook koploper zijn op het gebied van patentaanvragen en wetenschappelijke publicaties in bladen als Nature. Al moet gezegd worden dat de gemiddelde kwaliteit van Chinese onderzoeken nog wisselvallig is. Critici wijzen erop dat voor topwetenschap intellectuele onafhankelijkheid nodig is, terwijl in China van oudsher juist op alle terreinen een strenge hiërarchie heerst.

Waarom een Chinees?

Steeds meer Nederlandse universiteiten werken samen met China. Dit zijn de belangrijkste motivaties volgens het rapport van de Adviesraad:

* Het verwerven van nieuwe kennis: op sommige gebieden kijken Chinezen net wat anders tegen dingen aan, bijvoorbeeld in de biomedische wetenschappen.

* Meer mankracht beschikbaar voor het uitvoeren van onderzoeken.

* Chinees talent kan het tekort aan kenniswerkers in Nederland opvullen.

* De studenten kunnen worden opgeleid tot toekomstige werknemers voor de Chinese vestigingen van Nederlandse bedrijven.

* Terwijl wij bezuinigen, investeert China relatief veel in nieuw onderzoek, waar Nederlandse onderzoekers gebruik van kunnen maken.

Het succes van de ‘Chinnovatie’ heeft China hoofdzakelijk geboekt door de samenwerking aan te gaan met Westerse universiteiten en door op  pragmatische wijze de Westerse kennis toe te passen. “Een beetje zoals Japan in de jaren tachtig tot technologieland uitgroeide: bepaalde Westerse ideeën eruit pikken en deze mixen met de typisch Oosterse cultuur”, legt Patrick Chan uit, beleidsmedewerker namens het Erasmus University China Center. “Ook China gaat heel praktisch te werk. In het begin van deze eeuw werkte het land veel op medisch gebied samen met Westerse universiteiten. Daar heeft het zich in bekwaamd en nu zien we dat China zich meer richt op bijvoorbeeld de rechtsleer, waarschijnlijk ook door de kritiek op de mensenrechten in het land.”

De organisatie waarvoor Chan, een 32-jarige Rotterdammer met Chinees bloed, werkt, vormt namens de Erasmus Universiteit de schakel met universiteiten in China. Het China Center haalt Chinese studenten en professoren naar Nederland, stuurt Nederlandse studenten op summer schools naar China en heeft sinds kort ook een eigen vertegenwoordiger in Beijing zitten. De eerste Chinese onderzoekers ontving de Erasmus Universiteit in 1999. Inmiddels hebben de Rotterdammers samenwerkingsverbanden met elf middelgrote universiteiten. “Voor de topuniversiteiten in China moet je concurreren met universiteiten als Harvard, Yale en die beschikken over veel meer geld”, vertelt Chan. “Maar goed, bij een middelgrote universiteit in China heb je het algauw over 40.000 studenten waaruit je kun kiezen.”  Over de vraag waarom de Erasmus Universiteit graag de studenten wil, is hij kort maar krachtig. “Chinezen zijn noeste werkers. Ze maken vele uren en daarom wil een Nederlandse hoogleraar graag dat Chinese studenten meewerken aan zijn onderzoek.”

Chinese spionage

Veel van de samenwerkingsverbanden tussen de Erasmus Universiteit en de Chinese universiteiten zijn vastgelegd in gedetailleerde contracten. Er staat bijvoorbeeld concreet hoeveel studenten de universiteiten jaarlijks met elkaar uitwisselen, wat de onderzoeksprogramma’s inhouden, maar ook: dat het onderzoek gedaan door Nederlandse en Chinese studenten eerlijk in de openbaarheid moet worden gedeeld. Dit laatste punt impliceert een Chinees addertje onder het gras. Er zijn wetenschappers van Westerse universiteiten die vrezen dat China tot alles in staat is om aan de top van de wetenschap te komen. En met alles speculeert men op studenten die meedoen aan Westerse onderzoeken, maar ondertussen de resultaten stiekem doorsluizen naar het thuisland. De Britse wetenschapper en uitvinder Sir Jamses Dyson heeft een aantal studenten al beschuldigd van spionage. De critici wijzen ook over de weinige bescherming die het intellectueel eigendom in China kent. Van Westerse producten verschijnen binnen no time Chinese namaakvarianten en wetenschappers vrezen dat dit nu ook met unieke, Westerse kennis gaat gebeuren.

Maar Patrick Chan heeft nog nooit een geval van spionage meegemaakt op de Erasmus Universiteit. Hij vindt ook dat men deze berichten, afkomstig van Westerse media, met een tikkeltje zout moet nemen. “Dat beschavingen van elkaar kopiëren gebeurt al eeuwen. Ook het Westen deed en doet het bij China. Denk alleen al aan Delfts Blauw en mechanische klokken. Maar spionage is iets anders en ook China wil daar niet van beschuldigd worden. Juist nu het land wil meespelen in de top van de wetenschappelijke wereld, moeten de Chinese universiteiten zorgvuldig met hun naam omgaan. Ze zijn er niet gebaat bij als ze beschuldigd worden van spionage.”

De braindrain

Chinese studentenBehalve de spionagekwestie is er nog een ander belangrijk punt van kritiek op de samenwerking tussen Westerse universiteiten en China. Het merendeel van de Chinezen die hier studeert, gaat na het afstuderen weer terug naar het thuisland. Daardoor is het China dat volledig profiteert van de  door het Westen opgeleide studenten. Volgens de critici is het de overheid daar om te doen: China werkt alleen samen met het Westen om bepaalde kennisachterstanden in te halen. Is dit gelukt dan worden de Chinese studenten daarna alleen nog maar ingezet in eigen land of in de Aziatische regio. Men noemt het wel de braindrain: de afvloeiing van Westerse kennis naar het Oosten. Het is een machtsspel dat China kan spelen omdat de Oosterse universiteiten vaak de bovenliggende partij zijn in hun onderhandelingen met de Westerse partners. Zij kunnen de eisen stellen. Want welke universiteit in Amerika of Europa wil nou niet gebruik maken van het enorme reservoir aan talentvolle, Chinese studenten?

Ook op het China Center van de Erasmus Universiteit zijn ze bekend met het begrip

Nederland nog onbekend in China

Alhoewel er steeds meer Chinezen naar Nederlandse universiteiten komen, lijken sommige kleine Europese landen toch populairder bij China. Uit het rapport van de Adviesraad voor Wetenschap- en Technologiebeleid blijkt dat landen als Denemarken, Zeweden en Finland meer Chinees onderzoeksgeld binnenhalen. Volgens de raad komt dit omdat deze landen een gezamenlijke, succesvolle marketingstrategie hebben voor China waarbij ze zich promoten als de ‘Nordic Countries’. Het advies van de raad is dan ook dat Nederland zich duidelijker presenteert aan China met het merk Holland: tulpen en TU’s.

braindrain. Sterker nog, Chan legt uit dat bij sommige van de Rotterdams-Chinese samenwerkingsverbanden contractueel is vastgelegd dat studenten na hun onderzoek weer teruggaan naar China. Dit is volgens de richtlijnen van de zogeheten China Scholarship Council. Een beurs voor een studie in het buitenland, uitgegeven door het Chinese ministerie van onderwijs, waarvan studenten gebruik kunnen maken als ze beloven na de studie of het onderzoek weer huiswaarts te gaan.

De vraag is of het niet zonde is voor de Eramus Universiteit dat de Chinezen weer zo gauw verdwijnen. Chan: “‘It’s better to have a braindrain than a brain in the drain’, die uitspraak las ik er ooit over. Oftewel, het is beter dat de Chinezen gebruikmaken van Nederlandse kennis dan dat ze helemaal niets van onze expertise willen weten. Samenwerken is altijd beter, zeker omdat wij ook kunnen profiteren van Oosterse kennis. Alleen lijkt Nederland daar dus minder gebruik van te maken. Namens Erasmus zitten er op dit moment maar zestien Nederlandse studenten in China.”

Daarnaast merkt Chan nog iets interessants op: een paar jaar geleden bleven er relatief gezien meer Chinese studenten achter in Nederland dan nu. Volgens de beleidsmedewerker heeft dat weer te maken met de Chinese kennisslag, en ook een beetje met het gebrek daaraan in Nederland. “Sinds China is begonnen met zijn missie tot innovatie, is er veel meer werkgelegenheid voor de hogere beroepsgroepen. Het land heeft voor de Chinese studenten meer te bieden dan Nederland en daarom keren veel Chinezen van hier terug naar het Oosten.”

En dat brengt ons weer terug bij het in Nederland studerende stel: Zhang en Annabeli. Want wat gaan zij doen als ze klaar zijn met hun studie? Annabeli: “Als het mogelijk is, willen we nog een jaar of twee in Nederland werken, voor de ervaring. Maar het grote probleem is om werk te krijgen. Ons Engels is bijvoorbeeld niet zo goed als dat van de meeste Nederlanders.” Door de ervaringen van Chinese vrienden in Nederland weet het stel dat weinig bedrijven hier een Chinees aannemen als werknemer. Volgens Zhang komt dat omdat het cultuurverschil tussen de Chinees en de Hollander zo groot is, vaak te groot. Ondanks de voordelen van een Chinees-Nederlandse samenwerking. “Voor een Nederlands bedrijf kan ik veel betekenen met mijn connecties in Azië”, betoogt Zhang. Toch is de kans groot dat hij en Annabeli na hun studie de koffers zullen inpakken. De Chinese draak die misschien teleurgesteld, misschien opgelucht weer naar huis keert. Maar één ding is zeker: in China zullen ze de draak met open armen ontvangen. Want waar wij, Westerlingen, gewend zijn zo’n beest toch vooral eng te vinden en te wantrouwen, is voor China de draak het symbool van geluk.

Jeroen Lesuis, jeroenlesuis@buitennederland.com

One thought on “De invasie van de Chinese student

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *