Ieder voor zich

Wat als het ergste scenario zich voordoet? Wat als een schurkenstaat een atoomwapen krijgt, een grote oorlog uitbreekt vanwege steeds schaarser wordende landbouwgrond, wat als er een financiële meltdown komt? Naar wie zal de wereld de komende jaren dan kijken?

November, 1975. De wereld kampt met een grote recessie, sinds de Arabische landen in 1973 een olie-embargo hebben ingevoerd tegen westerse landen. De ‘vrije wereld’ heeft te maken met explosief stijgende energieprijzen, groeiende werkeloosheidscijfers en overheden worden flink op de kosten gejaagd. In Frankrijk komen de leiders van de zes grote democratische industrielanden, Frankrijk, West-Duitsland, Groot-Brittannië, Japan en de Verenigde Staten, bijeen in Château de Rambouillet om samen de crisis aan te pakken. Zij noemen zich de Groep van Zes – G6.

Ruim veertig jaar later is de G6 veranderd in een ‘G zero’, betoogt Ian Bremmer in zijn boek Every nation for itself. Want terwijl Europa, de Verenigde Staten en Japan de ene tegenslag na de andere te verwerken krijgen, winnen opkomende machten als Brazilië, Rusland, India en China aan invloed. En ook zij willen aan tafel zitten, maar hebben totaal andere belangen dan de ‘vrije wereld’. Geen enkel land heeft de slagkracht om de rest van de wereld haar wil op te leggen, zoals de Verenigde Staten dat decennia lang wel had. Want ook de opkomende machten hebben voorlopig de handen vol aan zichzelf – hun economieën moeten hervormd worden van productie- naar kenniseconomie.

Daarom leven we, voor het eerst in zeventig jaar, in een wereld zonder mondiaal leiderschap. Die G-zerowereld zal niet lang bestaan, misschien een of twee decennia, tot nieuwe mondiale samenwerkingsverbanden vaste vormen krijgen. Maar die korte tijd is lang genoeg om catastrofes te veroorzaken, waarschuwt Bremmer.

Every nation for itself gaat in een sneltreinvaart door alle grensoverschrijdende risico’s die ons de komende jaren staan te wachten: terroristen halen vliegtuigen neer omdat er geen overeenstemming over de passagierscontrole is, griepepidemieën lopen uit de hand door gebrek aan coördinatie, conflicten om drinkwater en voedsel worden beslecht met bloedige oorlogen, Noord-Korea klapt in elkaar, cyberwars tussen grootmachten lopen uit de hand. En de wereld zal ruziënd over straat rollen of wachten tot een ander de brand blust.

Dat wil niet zeggen dat er niks te winnen valt. In de G-zerowereld draait het niet meer om invloed in mondiale organisaties als de Verenigde Naties en de Wereldbank, of om goede vrienden met de Verenigde Staten te zijn, maar om aanpassingsvermogen, machtige vrienden en snel kunnen schakelen tussen samenwerkingsverbanden. Maar wie te lang vasthoudt aan oude patronen en instituties behoort tot de ‘losers’.

Bremmer voorspelt niet de ondergang van de vrije wereld of de eeuw van Azië. Als Europa, de Verenigde Staten en Japan de juiste oplossingen vinden voor hun problemen, blijven zij invloedrijke spelers. Bovendien heeft het westen in het verleden aangetoond innovatief te zijn en hebben ze politieke en economische systemen die zich door de eeuwen heen hebben bewezen. En de voorspellende grafiekjes van China mogen eeuwig naar boven lopen, maar Bremmer weet: dat is gebaseerd op de huidige situatie, en die verandert rap.

Wie Every nation for itself leest, zal continu bevestiging van Bremmer’s theorie zien. Ook de afgelopen maanden: aan Syrië durft niemand zijn vingers te branden, een wereldwijde boycot op Iran is nauwelijks realiseerbaar en de ene klimaattop na de andere verzandt in mooie woorden. Welkom in de G-zerowereld.

Wouter van Loon, woutervanloon@buitennederland.com  

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *